Je werkt vaak aan monumenten. Je herkent de gebruikte materialen. De steensoort, natuurlijk, maar ook welk soort cement er is gebruikt. En of er geschilderd is. Je repareert het oude metselwerk: waar het kapot is of beschadigd. Gescheurde of gebrokkelde voegen (cement tussen de stenen), bijvoorbeeld. Je haalt de oude voegen weg: dat doe je door te slijpen of te hakken. Daarna vul je de voegen weer. Je werkt heel precies. De bedoeling is dat je het verschil tussen oud metselwerk en jouw nieuwe werk niet ziet.
Het werk is afwisselend: je maakt gevels (= buitenkant van gebouwen/huizen) en voegen schoon, je verwijdert oud voegwerk, en plaatst bescherming op gevels. En elke keer werk je aan een nieuwe opdracht. Als jouw werk gedaan is, ziet de muur er weer helemaal mooi uit.